Debi M BDE
Home Page Bestaande BDEs Deel uw BDE


Beschrijving Ervaring:

Op vrijdag 13 september 1991 fietste ik naar huis na mijn werk, toen ik door een auto werd aangereden en van mijn fiets viel. Ik moet hard op mijn achterhoofd zijn terechtgekomen en ben enige tijd buiten bewustzijn geweest. Ik kwam weer bij toen het ambulancepersoneel me gereedmaakte voor vervoer naar het ziekenhuis. Ik kan me herinneren dat ik omhoogkeek naar mensen die op me neerkenen.

Ik raakte opnieuw buiten bewustzijn en kan me de aankomst in het ziekenhuis in Warwick – althans, dat is wat ze me vertelden – slechts vaag herinneren. Ik begon druk in mijn hoofd te voelen; het deed vreselijk veel pijn en ik kon totaal niet lang wakker blijven, ook al probeerde ik dat wel.

Ik herinner me alleen nog dat een verpleegkundige zei dat ik moest proberen iets te eten, maar ik was niet in staat om aan eten te denken. Het enige wat ik wilde, was slapen! Ik denk niet dat ze op dat moment besefte hoe ernstig mijn hersenschudding was. Ik werd naar een zaal gebracht en daar achtergelaten om te rusten.

De volgende ochtend werd ik wakker en was de druk in mijn hoofd aanzienlijk toegenomen. Ik had zoveel pijn dat ik een verpleegkundige riep en min of meer smeekte of iemand de druk op de één of andere manier kon wegnemen; ik herinner me nog vaag dat ik dacht aan hoe het zou zijn om daar te liggen zonder die constante pijn in mijn hoofd – het zou me niet uitmaken of ik zou sterven, zolang de pijn maar weg was.

Ik verloor opnieuw het bewustzijn en toen, alsof mijn wens in vervulling was gegaan, voelde ik me licht in mijn hoofd. Ik opende mijn ogen, maar ik zag de omgeving niet zoals ik die eerder had gezien. Ik zweefde op enige afstand en hoogte boven mijn bed; ik kon iemand in dat bed zien liggen en er waren artsen gekomen die bezorgd naar me keken. Ik bleef daar een tijdje zweven en keek toe hoe de artsen naar me keken. Toen werd het weer donker.It was some time before I came round again, and the pain was still there.

Na verloop van tijd herstelde ik langzaam maar zeker. Ik lag vier of vijf nachten in het ziekenhuis voordat ik weer naar huis mocht. Ik voelde me nog behoorlijk zwak; ik kon nauwelijks zelfstandig naar de badkamer gaan.

Ik ontdekte ook dat ik door het ongeluk mijn reuk- en smaakvermogen was kwijtgeraakt. Toen ik uit het ziekenhuis was ontslagen, ging ik met mijn collega's eten in een pub in Harbury (een paar maanden later vond ik in datzelfde dorp een woning). Ik kon niet echt zo van het eten genieten als ik had gehoopt; dat was weer een tegenslag voor mij. Maar ik moest ermee leren leven.

Achtergrondinformatie:

Geslacht: Vrouw

Datum BDE: 14/12/1991

Was er een levensbedreigende gebeurtenis op het moment van de ervaring? Onduidelijk.   Ongeval.  Direct hoofdletsel.  Ik kan niet voor honderd procent zeker weten of ik klinisch dood ben geweest, aangezien geen enkele arts me dat heeft verteld; ik weet het alleen op basis van wat ik er zelf over heb geleerd.

BDE elementen:

Hoe schat je de inhoud in van je ervaring? Gemengd.

Voelde je je afgescheiden van je lichaam? Ik verliet duidelijk mijn lichaam en bestond er los van.

Hoe was je hoogste peil van bewustzijn en alertheid tijdens de ervaring in vergelijking tot je normale, alledaagse bewustzijn en alertheid? Normaal bewustzijn en alertheid.

Op welk moment tijdens je ervaring was je op je hoogste peil van bewustzijn en alertheid? Het enige moment waarop ik me herinner alert te zijn geweest en me op een goed bewustzijnsniveau te hebben bevonden, was tijdens de periode waarin ik boven het bed zweefde.

Werden je gedachten sneller? Ongelooflijk snel.

Leek het alsof de tijd sneller of trager ging? Alles leek ineens te gebeuren; of tijd leek te stoppen of verloor alle betekenis.

Waren je zintuigen scherper dan gewoonlijk? Ongelooflijk scherper.

Vergelijk je zicht tijdens de ervaring met je alledaags zicht die je had net vóór het moment van de ervaring. Ja.

Vergelijk je gehoor tijdens de ervaring tegenover je alledaags gehoor die je had net vóór het moment van de ervaring. Nee.

Leek jij je bewust te zijn van zaken die elders gebeurden, zoals een buitenzintuiglijke waarneming? Ja en de feiten zijn gecontroleerd geweest.

Ben je in of door een tunnel gegaan? Nee.

Was je je bewust van of ben je overleden (of levende) wezens tegengekomen? Nee.

Heb je een helder licht gezien of gevoeld dat het je omringde? Een licht dat duidelijk van mystieke of niet-aardse origine was.

Heb je een onaards licht gezien? Onduidelijk  Het was helderder, maar alleen omdat mijn direkt omgeving op dat moment donker was.

Leek het alsof je een andere, onaardse wereld binnendrong? Nee.

Had je een gevoel van vrede of vrolijkheid? Opluchting of kalmte.

Had je een gevoel van vreugde? Blijdschap.

Had je een gevoel van harmonie of eenheid met het universum? Ik voelde me verenigd of één met de wereld.

Leek je opeens alles te verstaan? Alles over het universum.

Heb je beelden gezien uit je verleden? Mijn verleden flitste zich voor mijn ogen, buiten mijn controle.

Waren er beelden uit de toekomst? Beelden van de toekomst van de wereld.

Kwam je aan een obstakel of een fysieke structuur die je tegenhield? Nee.

Kwam je aan een grens of een punt waar je niet meer kon terugkeren? Ik kwam aan een barriere waar ik geen toegang kreeg om verder te gaan; ik werd teruggezonden tegen mijn zin.

God, Spiritueel en Religie:

Wat was je godsdienst vóór je ervaring? Onduidelijk.   Geen.

Zijn je religieuze gewoonten veranderd sinds je ervaring? Nee.

Welke godsdienst beoefen je nu? Liberaal. Geen.

Veranderden je waarden en overtuigingen door de ervaring? Nee.

Leek het alsof je een mystiek wezen of aanwezigheid ontmoette? Of een stem hoorde die je niet kon identificeren?     Ik zag duidelijk een wezen of ik hoorde duidelijk een stem van mystieke of onaardse origine.

Zag je overledenen of religieuze geesten? Ik zag hen duidelijk.

In verband met onze levens op Aarde niet gerelateerd aan godsdienst:

Verkreeg je tijdens je ervaring speciale kennis of informatie over je doel? Nee.

Zijn je relaties specifiek veranderd door je ervaring? Nee.

Na de BDE:

Was de ervaring moeilijk te verwoorden? Ja.

Heb je helderziende, ongewone of andere speciale gaven gekregen na je ervaring die je niet had vóór je ervaring? Nee.

Heb je ooit deze ervaring gedeeld met anderen? Ja.

Had je kennis over bijnadoodervaring (BDE) vóór je ervaring? Nee.

Wat geloofde je over de echtheid van je ervaring kort nadat het gebeurd was? (dagen tot weken)     Ervaring was zeker reëel.

Wat geloof je nu over de realiteit van jouw ervaring? Ervaring was zeker reëel.

Heeft er ooit iets in je leven je hetzelfde gevoel gegeven als jouw ervaring? Nee.

Is er nog iets dat je wil toevoegen over je ervaring? It is something that unnerved me a bit, realizing that I (may) have been clinically dead, I feel different about myself, less confident about certain things I want to do. I take each day as it comes.

Het is iets dat me enigszins van mijn stuk heeft gebracht: het besef dat ik (mogelijk) klinisch dood ben geweest. Ik zie mezelf en ben minder zeker over bepaalde dingen die ik wil doen. Ik leef dag bij dag.